Soorten pensioen

Het pensioen dat u krijgt als u stopt met werken, noemen we ouderdomspensioen. Daarnaast kennen we in onze pensioenregeling ook andere soorten pensioen. Zo is er partnerpensioen (en eventueel aanvullend ANW Pensioen) voor uw partner en wezenpensioen voor uw kinderen, wanneer u overlijdt. Ook zijn er aanvullende regelingen, bijvoorbeeld voor als u arbeidsongeschikt raakt.

Partnerpensioen en wezenpensioen

Partnerpensioen

In onze pensioenregeling is er naast ouderdomspensioen voor uzelf ook pensioen voor uw partner geregeld. Dit noemen we partnerpensioen. Uw partner ontvangt dit pensioen levenslang als u er niet meer bent. Dit gaat in op de maand volgend op het overlijden. Als u samen gaat wonen, trouwt of geregistreerd partners wordt, heeft dit invloed op het partnerpensioen. Zo kan uw partner aanspraak maken op toekomstig partnerpensioen.

Of u op het moment van overlijden nog in dienst bent bij een werkgever in de sector Metaal en Techniek bepaalt de hoogte van het partnerpensioen. U ziet het partnerpensioen op Mijn PMT of op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO).

Wezenpensioen

Heeft u (minderjarige) kinderen? Dan krijgen zij bij uw overlijden ook een uitkering van PMT. Dit heet wezenpensioen. Uw kinderen krijgen na uw overlijden in ieder geval een uitkering totdat zij 18 jaar zijn.

Daarna krijgen zij alleen nog een uitkering als ze studeren. Uw kind krijgt dan tot maximaal 27 jaar een uitkering. Of u op het moment van overlijden nog in dienst bent bij een werkgever in de sector Metaal en Techniek bepaalt de hoogte van het wezenpensioen. U ziet het wezenpensioen op Mijn PMT of op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO).

Waarmee kunnen we u helpen?